Kleinere klasgroepen zijn noodzakelijk om kwaliteitsvol onderwijs te realiseren
Van "Hoe kan de leraar een professional zijn en blijven❓"
Ga naar het project

Klasgroepen van meer dan 25 kleuters (soms zelfs 30 tot 35 kleuters) zijn al lang geen uitzondering meer. De verwachtingen t.o.v. de klasleerkracht om in te spelen op alle individuele noden van de kinderen en om tegelijk op pedagogisch vlak aan alle vereisten van kwaliteitsvol onderwijs te voldoen, zorgen voor een zeer grote werkdruk. Om optimaal aan al deze verwachtingen tegemoet te komen, zijn dringend kleinere klasgroepen nodig. Zo kan de klasleerkracht op een haalbare manier inspelen op de noden van de kinderen en echt kwaliteitsvol onderwijs aanbieden.
Sinds het M-decreet en het inclusieve onderwijs zitten in 'gewone' basisscholen meer en meer kinderen met speciale noden. Zeker zij hebben speciale zorg en omkadering nodig. Om deze kinderen optimale zorg te kunnen bieden, heeft de klasleerkracht meer tijd en ruimte nodig naar opvolging en begeleiding toe. Dit is enkel haalbaar in kleine klasgroepen van maximaal 15 kinderen. Verhoog het lestijdenpakket om deze omkadering te kunnen voorzien.
Ook voor de jongste kleuters, die nog veel individuele aandacht en zorg nodig hebben, zou dit absoluut een meerwaarde zijn. Bijvoorbeeld naar persoonlijke verzorging toe: in de peuterklassen zitten steeds meer peuters die nog niet zindelijk zijn. Zonder permanente ondersteuning van een kinderverzorgster is het voor de klasleerkracht niet haalbaar om in dergelijke grote groepen tegemoet te komen aan de noden van de kinderen.
Bovendien zijn heel wat kleuterklassen qua ruimte niet aangepast aan dergelijke grote groepen, wat zorgt voor lawaai, drukte, overprikkeling, conflicten. Kinderen zouden veel meer rust ervaren wanneer ze meer 'ruimte' krijgen en in een prikkelarme(re) omgeving zouden kunnen spelen en werken. Idem qua infrastructuur, ook deze is niet altijd aangepast aan grote klasgroepen. Denk aan één toilet voor vijftig kleuters. (helaas geen uitzondering!).
Heel veel problemen zouden preventief kunnen aangepakt worden wanneer kinderen aan de start van hun schoolcarrière meer rust, ruimte en gerichte stimulering zouden krijgen. Uit onderzoek blijkt dat vier- en vijfjarigen de grootste groei doormaken op vlak van zelfregulerende vaardigheden en dat deze vaardigheden de basis leggen voor hun later schoolsucces! (Sardes, 2019). De kleuterleeftijd (3-5j) vormt de meest kritische periode voor de ontwikkeling van de zelfregulerende vaardigheden (Shaul & Schartz, 2014). Kleinere klasgroepen scheppen potentieel voor leerkrachten om hierop in te spelen, een investering in de toekomst dus! :-)
